115-JE MOET BUIGEN VOOR DE LIEFDE
Wanneer het zon op mijn ogen schijnt,
Licht van donkere nacht is op mijn zon die schijnt.
Ik ben weer slaaploos, weer met en zonder jouw.
Het is half vijf.
Wanneer ik de ochtendschemering word,
Gaan mijn gedachten naar Nazim Hikmet.
Gedichten die hij geschreven heeft voor geliefde die hij niet gezien...
Regels waarin hij zegt “Mijn vrouw, mijn leven”…
Ben ik jaloers?
Wil ik hem zijn?
Ik weet het niet!
Misschien omdat hij eerder dan mij verliefd was.
Omdat hij smaak van de liefde eerder dan mij geproefd heeft!
Kan iemand zo lief hebben?
Kan iemand zo mooie dingen naar verre iemand schrijven?
Denk ik dan!
Aan Nazim Hikmet om vijf uur.
Ik moet toegeven!
Ik ben jaloers,
Op die liefde in de nacht.
Ik schrijf ook aan mij, aan jouw,
Aan verre mijn liefde,
Voor jouw.
Mijn leven,
Mijn hartje,
Dus jij!
Ik heb over jouw.
Dus jij en dingen die ik van jouw heb gepakt geef ik jouw deze ochtend.
Jij bent in vreemde armen zonder dat ik het weet.
Wat slaap je mooie als een engel…
In mijn verlagen naar liefde die pijn doet.
Ik ben geen Vera!
Die om haar gedichten worden geschreven!
Jij bent ook geen Nazim Hikmet.
Maar deze pijn gaat boven Vera.
Misschien omdat ik wil,
De liefde is elkaar ontmoeten,
Luister naar me!
A.u.b. lat me je niet zien.
Ik weet dat onze liefde over gaat.
En dan jij en ik,
Misschien onze liefde zal mors letters worden.
Als je begrijpt dan zij we op.
Dus deze liefde zal eindigen.
A.u.b. ga door.
In jouw machtig.
Maar voed, geef water… warm te aan deze liefde.
Kun je me zegen hoe lang een viooltje kan leven zonder water?
Heef het viooltje te kort leven, vind je ook?
Buig, kus, aai…
Niks zal veranderen, allen smachten naar liefde…
Is het niet waard?
Kijk, zelfs een theepoot is ook arrogant!
Maar als dat moet buigt hij zelfs voor een kopje!
Daarom kussen iedere dag de mensen,
Aan voorhoofd van kopje.
Buig maar..!
Waarom wacht je?
Hierbij is er allen liefde, is dat het niet waard?


A. Esra OSKAY